In De Gelderlander verscheen op 14-1-2016 het artikel over de voorstelling Een Ander Mens. Geschreven door Marjan, fotografie door Amke. Lees hieronder het indrukwekkende verhaal van Anne Marie van der Storm. “Ik leef naar de lichtpuntjes toe.”

een ander mens gelderlander

 

9997_6937Anne Marie van der Storm (51, Doesburg)

‘Met mijn gezonde verstand leef ik verder’

De geboren Haarlemse Anne Marie wordt verliefd op haar gymleraar. Op haar 40e heeft ze twee kleine kinderen en staat voor de klas. Dan krijgt ze een hersenbloeding.

“Ik had alles voor elkaar: een man, twee zoons, een huis, een baan die ik leuk vond. Ik had een leven. Ineens is dat afgelopen, ik heb nu 24 uur zorg nodig. Toen ik zag dat mijn man dat niet aankon, samen met de jongens van toen drie en vijf er bij, ben ik elders gaan wonen waar ik begeleiding krijg.

Doordat ik het hersenletsel al zo lang heb kan ik ermee omgaan, maar accepteren doe je het nooit. Het is keihard en in het begin was ik alleen maar kwaad. Je bent niet meer de moeder die je wilde zijn. De kinderen, je gezin, je werk: je voelt dat je geen grip meer hebt. Ik stond voor de klas, dat was mijn passie en dat moest ik opgeven.
Dapper, ik? Ik wil geen moeder zijn die in een hoekje zit verdrietig te zijn, ik moet mijn rug recht houden.
Ik kon alles en na die hersenbloeding opeens niet meer. Toen het me niet lukte om koffie te zetten kon ik dat ding wel tegen de muur gooien. Je wordt steeds slimmer in het vinden van oplossingen, zo maak ik mijn eten in de magnetron omdat ik geen pannen kan tillen.

Ik heb een ponsbloeding gehad, in de hersenstam. Daar lopen de vitale zenuwen doorheen en die zijn kapot. Vroeger zag ik er heel anders uit, mijn gezicht is veranderd. Ik ben blind aan mijn rechter oog. In het begin kon ik niet praten. Vre-se-lijk. Ik kan niet lopen en aan mijn linker kant heb ik geen gevoel. Alles wat ik daarmee doe, duurt lang.
Lichamelijk mankeert er van alles aan mij, maar geestelijk niet, dat is een groot geluk.

Mijn persoonlijkheid en mijn emoties zijn hetzelfde gebleven, daardoor had ik het in het begin moeilijk. Je ben je bewust van wat je niet kunt, ik kan niet meer op een fiets stappen en naar een vriendin fietsen.

Ik ben gelukkig niemand kwijtgeraakt, mijn man en ik hebben een heel acceptabele oplossing gevonden. Ik zie Stan en de jongens iedere week en ik kan ze altijd bellen. Ze zijn nu 15 en 17.

Ik besef heel goed dat ik bevoorrecht ben. Met mijn gezonde verstand leef ik verder. Ik ben in staat om dingen te regelen, een taxi bijvoorbeeld. Of ik gelukkig ben? Ja! Omdat ik alles heb. Ik leef naar de lichtpuntjes toe, dat is geluk. Je kunt wel denken: wat voel ik me naar, maar je kunt ook denken: hup!”